Archief voor ‘Alle berichten’
Waar gaat dat over?
Jaren terug – ik schat in 1987 – waren we met vakantie in Engeland. In een pub in Bexhill vroegen we aan een vriendelijke man wat dat voor bijzondere huizen waren. Die man legde het uit: dat waren oast houses. Nu klonk dat als aust houses. En eigenlijk zei het ons nog niet veel. Het was wel een herinnering die ons bijbleef. En volgende vakanties in Engeland hadden we het er altijd over.
Niet zo lang geleden vertelde Phil erover – van Phil & Kirstie. Uitgebreid kwam het hele proces van eesten aan bod. Zo heet dat dus in het Nederlands: eest. Dat programma maakte veel duidelijk. En daar houd ik van.
De Nederlandse geschiedenis van eest is beschreven op de site www.etymologiebank.nl.
Waar een vakantie toe kan leiden …

Nieuwe opdracht van de Rijksgebouwendienst
SMAAK is een uitgave van de Rijksgebouwendienst. Aan bod komen allerlei projecten van deze dienst. Of waarbij de Rgd bij betrokken was.
Heel leuk vond ik in het vorige nummer alle aandacht voor het nieuwe Scheepvaartmuseum. In het nummer dat ik nu corrigeer, is er onder andere aandacht voor Het Funen – een wijkje in Amsterdam en prijswinnaar van de Gouden Piramide, het Paleis op de Dam en Veenhuizen. Toevallig drie onderwerpen die onlangs op tv aan bod kwamen.
Natuurlijk moet je bij het corrigeren van een tekst niet alle aandacht laten afleiden door de inhoud van die tekst. Met mijn geodriehoek van de middelbare school volg ik elke regel; met die aandacht zit het dus wel goed. Een leuke tekst met leuke inhoud heeft wel iets extra’s.
In ‘t kort: Vijno
Deze planologische kernbeslissing (pkb) legt de principes voor de inrichting van Nederland voor de komende twintig jaar vast. Het kabinet wijst gebieden aan waar het grootste deel van de verstedelijking in Nederland zal plaatsvinden staat op de website van de Eerste Kamer.
De Vijfde Nota ruimtelijke ordening (Ruimte maken, Ruimte delen) bevat de hoofdlijnen van beleid inzake wonen, woonlocaties en verstedelijking, natuur, landschap en waterbeheer, bereikbaarheid en het ruimtelijk accommoderen van de economie. Deze pkb doorloopt de procedure zoals aangegeven in artikel 2a van de Wet Ruimtelijke Ordening. De pkb is nooit in de Kamers behandeld. Na enkele kabinetswisselingen is besloten tot het opstellen van de Nota Ruimte (29.435), waarin naast de Vijfde Nota ook de nota’s van de ministeries voor Landbouw, Natuurbeheer en Visserij (later Voedselkwaliteit) en voor Verkeer en Waterstaat zijn geïntegreerd.
Wikipedia
Wikipedia schrijft het volgende over de nota:
Voorafgaande aan de Nota Ruimte heeft de (toenmalige) Minister van VROM, Jan Pronk, een Vijfde Nota over de Ruimtelijke Ordening opgesteld. Die nota is nooit definitief geworden. In de ‘Vijno’, zoals die nota wel werd aangeduid, zijn rode en groene contouren vastgesteld. Bedoeling was om rond dorpen en steden rode contouren te trekken. Buiten de rode contouren mocht geen bebouwing plaatsvinden. En binnen de groene contouren (bijvoorbeeld rond het Groene Hart) werd dat al helemaal niet toegestaan.
Hoewel de Vijno nooit definitief werd vastgesteld (deze is uiteindelijk opgevolgd en vervangen door de Nota Ruimte die geen groene en rode contouren kent), hebben provincies, hangende de Vijno-procedure, die contouren opgenomen in hun streekplannen. Daardoor is de eigenaardige situatie ontstaan dat provincies in hun streekplannen beleid (de groene en rode contouren) hebben geïmplementeerd dat niet is gebaseerd op het rijksbeleid uit hoofde van de uiteindelijke Nota Ruimte. Daarmee zijn provincies ‘strenger’ in het bebouwings-uitbreidingsbeleid dan het Rijk op dit moment is. Die contouren hebben vanwege de eigen bevoegdheid van de provincies evenwel verbindende status in die zin dat gemeenten er rekening mee dienen te houden bij het opstellen van bestemmingsplannen.
Waarom deze aandacht?
Voor het ministerie van VROM heb ik deze Vijfde Nota gecorrigeerd. Dat was een leuke opdracht. De nota zag er indrukwekkend uit en de visie was inspirerend. Inmiddels bestaat VROM niet meer …
Beste redactie
Zomaar een mailtje van iemand:
Ik ben sinds dit jaar donateur en ontvang dan ook het blad. Ik leef zonder schildklier en ben nog steeds niet goed ingesteld. Gelukkig heb ik nu een internist die het protocol volgt. En eerst vraagt hoe ik mij voel voordat hij wat over de waarden gaat vertellen. Dankzij het Schildkliermagazine weet ik waar ik ‘recht’ op heb. Ik kijk altijd een beetje naar het magazine uit, ik vind het heel nuttig.
Dat maakt mijn dag helemaal goed!
Een maandje www.wvrtaal.nl
Ook al zijn de cijfers niet spectaculair … Zo’n grafiekje is leuk om te zien. (Ben gek op grafiekjes
)
Schildklieraandoeningen – klachten en diagnose
In een huisartsenpraktijk heb je meestal in eerste instantie te maken met de doktersassistent. Zij (of hij) neemt de telefoon op en vertelt je de uitslag van het bloedprikken. Tenminste, zo kan het gaan. Van groot belang is dat zij (of hij) goed weet hoe het precies zit. Om welke bloedonderzoeken en om welke waarden gaat het. Vaak is al het jargon een soort abacadabra.
In de praktijk ervaren (te) veel patiënten dat hun huisarts te weinig weet van de schildklier. Dat is heel jammer. Een goede behandeling is het halve werk. Als nu die doktersassistent meer over de schildklier weet … Dat geeft vast een zet in de goede richting.
In 2011 kregen Schildklierstichting Nederland, Hypo maar niet Happy en de Nederlandse Vereniging van Graves Patiënten de ruimte in het vakblad De Doktersassistent van de NVDA om het een en ander uit te leggen over de schildklier. Veelgebruikte termen kwamen voorbij. Maar ook kwam in dat artikel aan bod bij welke waarden iemand zich goed kan voelen.
Als hoofdredacteur van het Schildklier Magazine heb ik het artikel geschreven. Hier kun je het lezen [pdf].
In de webversie van het artikel is een TSH-curve wél opgenomen. In het artikel in het blad is dat niet het geval.
Periodiek Rijksgebouwendienst
Daar ben ik blij mee. Een leuke, nieuwe opdracht.
Het gaat om de correctie van het blad SMAAK, uitgave van de Rijksgebouwendienst.
Lees via de link nr. 53! Klik hier
Foetsie
Welke spelfouten kom ik het meest tegen? Ik durf te wedden dat dat vergeten medeklinkers zijn in de woorden ontstaan, verrassend en gewelddadig.
Daar staat dan opeens: onstaan, verassend en geweldadig.
Bij onstaan is geen associatie. Dat ligt toch anders bij die andere twee woorden.
Verassend doet me aan cremeren denken. Geweldadig aan een weldaad, aan verwennerij.
Hoe is dat bij jou?
Hoe schrijf je het?
Vaak gaat dat fout. Iemand schrijft chique terwijl hij chic bedoelt. Wat wil die schrijver? Chiquer zijn dan chic? Een vorm van hypercorrectie misschien? Je komt ook nog sjiek tegen. Vind ik ook wel wat hebben.
Waar het nu om draait: hoe schrijf je het?
Taaladviesnet biedt uitkomst: lees hier het advies.
Het bijvoeglijk naamwoord chic heeft de Franse spelling behouden. Bij de verbogen vorm voegen we in de regel een buigings-e toe aan de grondvorm, maar dat zou in dit geval chice opleveren, een vorm die tot een verkeerde uitspraak zou leiden. Daarom is in de Nederlandse spelling gekozen voor de afwijkende vorm chique. Ook de spelling van de vergrotende trap wijkt af: chiquer. De overtreffende trap is chicst.